De technische leerlijn van Peddelsport Vlaanderen vormt het fundament voor een verantwoorde en duurzame ontwikkeling binnen de peddelsport.
De nadruk ligt op het doelgericht en veilig leren verplaatsen op het water, met aandacht voor beheersing, efficiëntie en plezier.
In een ideale leercurve groeit de vaarder stap voor stap naar een vaardigheidsniveau waarop techniek, veiligheid en kennis samenkomen. Zo ontstaat een evenwicht tussen uitdaging, voldoening en levenslang peddelplezier.
Deze leerlijn vertrekt vanuit het basisbrevet per vaartuig – het A-brevet in kajak, kano of SUP – en biedt van daaruit mogelijkheden tot verder specialiseren in diverse disciplines, zoals vlakwater, stromend water, wildwater, zeekajak en kajakpolo.
Peddelsporters op A-niveau zijn beginnende vaarders.
Ze leren zich aan te passen aan de omgeving en aan het vaartuig. Daarnaast ontwikkelen ze de basisvaardigheden om de peddel correct te gebruiken, hun evenwicht te bewaren en een eenvoudig traject af te leggen.
Op dit niveau kunnen sporters, onder begeleiding, een eenvoudig doel bereiken.
Het A-niveau is vaartuigspecifiek en vormt de opstap naar verdere technische ontwikkeling binnen de peddelsport.
Omgeving: Vlakwater
Boottype: Vrij te kiezen type kajak
Theoretische kennis:
· Kan de functie van drijfvermogen en zwemvest uitleggen.
· Kan uitleggen wat te doen na kentering.
Veiligheidsproeven:
· Kan zelfstandig of per 2 een boot ledigen op het droge.
Vaarproeven:
· In- en uitstappen aan een steiger
· 200 m varen
· Achtvorm varen voorwaarts
· Reactieoefening (link, rechts, stoppen op signaal)
· Een correcte zithouding
· Ter plaatse draaien
· Juiste peddelgreep kunnen tonen
· Een kajak per 2 dragen en opbergen
· Gericht achterwaarts varen 20 m
Omgeving: Vlakwater
Boottype: Vrij te kiezen type kano
Theoretische kennis:
· Kan de functie van drijfvermogen en zwemvest uitleggen.
· Kan uitleggen wat te doen na kentering.
Veiligheidsproeven:
· Kan zelfstandig of per 2 een boot ledigen aan de oever.
Vaarproeven:
· In- en uitstappen
· 50 m varen
· Achtvorm voorwaarts
· T-redding
Omgeving: Vlakwater
Boardtype: Vrij te kiezen SUP-board
Theoretische kennis:
· Kan de functie van een zwemvest uitleggen.
· Kan de functie en het gebruik van de leash uitleggen.
Veiligheidsproeven:
· Kan zelfstandig vanuit het water op het SUP-board klimmen.
Vaarproeven:
· Op het board stappen vanop een steiger
· Zittend op de knieën peddelen
· Rechtstaand peddelen met een correcte peddelgreep
· 200 m rechtdoor rechtstaand peddelen
· Achtvorm voorwaarts (rechtstaand)
De hogere niveaus zijn discipline-specifiek en bouwen verder op het A-niveau.
Niveau 1: Is een peddelsporter die in groep vaart en nog afhankelijk is van begeleiding.
Niveau 2: Is een peddelsporter die zelfstandig is in het voorbereiden van het materiaal en de uitvoering in gekende omstandigheden.
Niveau 3: Is een peddelsporter die de discipline op hoog niveau beheerst en zich vlot kan aanpassen aan verschillende omstandig heden.
Omgeving: Vlakwater
Boottype: Vrij te kiezen type kajak
Theoretische kennis:
· Basisonderdelen van een kajak benoemen
· Functie van aangepaste kledij uitleggen
Veiligheidsproeven:
· Kenteren op 10 m van de oever en bergen van de kajak
· Lage peddelsteun
Vaarproeven:
· Zijwaarts vorderen met wrikbeweging
· Bekkenkanteling tijdens rechtdoor varen
· 500 m varen zonder correctieslagen of uitgezet slalomparcours varen
· Gericht achterwaarts varen 20 m
Omgeving: Vlakwater
Boottype: Afdaler
Theoretische kennis:
· Minimum 6 voorzorgsmaatregelen kunnen opsommen in functie van veilig varen.
· Relevante gebods- , verbods-, aanbevelings- en aanwijzingstekens herkennen op bevaarbare waterwegen en onbevaarbare waterlopen vermeld in de handleiding B2.
· 2 algemene voorrangsregels op de bevaarbare waterwegen kunnen uitleggen.
· Voorrangsregels kunnen uitleggen bij:
o Tegengestelde koersen
o Kruisende koersen
o Oplopende koersen
Vaarproeven:
· Vaardigheidsoefening
· Acht-parcours op tijd (m 1’30”/v 1’40”)
Omgeving: WWI/II+
Boottype: Wildwater kajak of slalomkajak
Beheersing van de brevetten A en B1 in het betreffende boottype worden verondersteld
Theoretische kennis:
· (s) Betekenis kennen van een groene poort/rode poort, gemiste poort/geraakte poort
Veiligheidsproeven:
· Realiteitsoefening precisie-werpen met een werptouw op stromend water, uitvoeren van een redding dmv een werptouw waarbij een zwemmer dient geborgen te worden.
· Boot ledigen en zelfstandig terug instappen na kentering.
· Eskimoteren aan 1 zijde
Vaarproeven:
· Een keerwater in- en uitvaren met romprotatie
· Voorwaarts traverseren met een correcte techniek
· Achterwaarts traverseren met een correcte techniek
· Draaien van de kajak op de keerwaterlijn
· Een lage peddelsteun uitvoeren in de stroming
· Een uitgezet parcours kunnen varen
· Een boegroer kunnen gebruiken om bij te sturen
Omgeving: WWII/III+
Boottype: Wildwater kajak of slalomkajak
Theoretische kennis:
· (s) De verschillende slalomdisciplines kennen.
· (s) Weten hoeveel en welke poorten nodig zijn voor een wedstrijd.
· Via signalen kunnen communiceren op wild water.
Veiligheidsproeven:
· Zelfreddingtechniek: eskimoteren in volle stroming
· Realiteitsoefening precisie-werpen met een werptouw op stromend water, uitvoeren van een redding dmv een werptouw waarbij een zwemmer dient geborgen te worden.
· Correct zwemmen op wild water.
Vaarproeven:
· Een keerwater in- en uitvaren met romprotatie
· Voorwaarts traverseren met een correcte techniek
· Achterwaarts traverseren met een correcte techniek
· Draaien van de kajak op de keerwaterlijn
· Een lage peddelsteun uitvoeren in de stroming
· Een uitgezet parcours kunnen varen
Omgeving: WWIII+/IV
Boottype: Wildwater kajak of slalomkajak
Theoretische kennis:
· (s) ICF slalomreglementen kennen.
· Via signalen kunnen communiceren op wild water.
Veiligheidsproeven:
· Zelfreddingtechniek: eskimoteren in volle stroming WWIII, zowel link als rechts.
· Realiteitsoefening precisie-werpen met een werptouw op stromend water, uitvoeren van een redding dmv een werptouw waarbij een zwemmer dient geborgen te worden/ook met springer.
· Gecontroleerd invaren, side surfen en uitvaren van een wals, links en rechts.
· Een takel (1/2 en 1/3) kunnen installeren.
Vaarproeven:
· Volgen van een (zelf te bepalen) logische vaarlijn zonder het nemen van keerwaters.
· Volgen van een zelf uitgezette vaarlijn ebn daarna van een vaarlijn uitgezet door de examinator:
o Eddy-hopping met aandacht voor romprotatie.
o Links en rechts traverseren van de stroming.
o Boof-techniek kunnen toepassen bij een verval aangeduid door de instructeur.
· Een boegroer (duffek) kunnen toepassen.
· (s) Volgen van een uitgezet slalomparcours.
Omgeving: Open vlakwater
Boottype: Zeekajak
Brevet B2 bezitten
Theoretische kennis:
· Kunnen aantonen van drank, snack, reservekledij en het nut van deze uitrusting kunnen verantwoorden
Veiligheidsproeven:
· Onderkoeling kunnen behandelen in kajakkledij en in een vaaromgeving/situatie.
· Een noodoproep (112) correct kunnen uitvoeren.
· Een stabiele zijligging kunnen uitvoeren en weten wanneer deze wordt toegepast.
Vaar- en zwemproeven:
· 75 m kunnen zwemmen in volledige kajakkledij.
· Een(T- of X-)redding van kajak en vaarder kunnen uitvoeren in een rollenspel als uitvoerder en als slachtoffer (inclusief omslaan en onder water uitstappen).
· 100 m kunnen slepen van een medevaarder en boot.
· Een redding kunnen uitvoeren vanop de oever met lijn of ander voorwerp.
Omgeving: Kustwater
Boottype: Zeekajak
Theoretische kennis:
· Vragen kunnen beantwoorden over de wetgeving aan de Belgische kust en basisvragen kunnen beantwoorden over: betonning, vaarregels, getijden, stroming, wind.
· Positie kunnen bepalen met behulp van kaart en kompas (coördinaat, positie aanduiden op kaart).
· Vragen kunnen beantwoorden omtrent een typische noodsituatie op zee en aan land.
Veiligheidsproeven:
· Een redding kunnen uitvoeren van kajak en vaarder in een rollenspel als uitvoerder en als slachtoffer op open zee, zeestaat 2-3 (incl. omslaan en onderwater uitstappen).
· 100 m kunnen zwemmen met volledige kajakuitrusting door de branding naar het strand.
· Zich correct kunnen gedragen in een vaargroep en besef hebben van groepsgedrag in een vaargroep.
· Kunnen aantonen dat je over een volledig uitgeruste zeekajak en uitrusting beschikt beantwoordend aan de wettelijke voorschriften voor vaartuigen <6m.
· Kunnen aantonen dat je over een basis veiligheidsuitrusting beschikt: waterdicht verpakte op het water bruikbare gsm of vhf radio, 3 handfakkels, degelijk fluitje, snack, reflectoren, lamp of flitser, het gebruik en voor- en nadelen kunnen benoemen.
Vaar- en zwemproeven:
· Kunnen vertrekken en landen door een matige branding (75-100cm hoog).
· Gecontroleerd kunnen varen en manoeuvreren bij windkracht van 3-4 Bft.
· 100m kunnen slepen met sleeplijn van een medevaarder en boot bij zeestaat 3.
· 20m contactsleep kunnen uitvoeren van een medevaarder Een eskimo-redding kunnen uitvoeren aan boot(punt) van redder.µ
· Kunnen eskimoteren op vlak water aan één zijde.
· Kunnen aantonen dat je over een uitrusting beschikt voor de heersende vaaromstandigheden (meteo, vaarafstand, groep,…).
Omgeving: Open zee
Boottype: Zeekajak
Theoretische kennis:
· Een koers kunnen berekenen voor een oversteek van 3u met zijstroming.
· Afstanden en hoeken kunnen meten op een kaart.
· Begrip hebben van diepten en droogvallen op een kaart.
· Een kusttocht kunnen berekenen met gelijk vertrek- en aankomstpunt en met verschillend vertrek en aankomstpunt.
· Risicoplaatsen op kaart kunnen aanduiden en verantwoorden.
· Vragen kunnen beantwoorden omtrent noodbootherstel onderweg.
Veiligheidsproeven:
· Een redding kunnen uitvoeren van kajak en vaarder in een rollenspel als uitvoerder en als slachtoffer op open zee, zeestaat 3-4 (incl. omslaan en onderwater uitstappen).
· Basisvragen kunnen beantwoorden over ehbo of een EHBO-brevet bezitten van < 5 jaar.
· Bereikbaarheid van noodsignalen en communicatiemiddelen op het water.
· Vragen kunnen beantwoorden ivm voorrangsregels op het water.
· Beschikbaarheid van eten en drank tijdens varen kunnen aantonen.
· Kunnen aantonen dat je over de nodige uitrusting beschikt: basis EHBO-set, basisbootherstelset, reservekledij, warme drank, shelter (indivueel of groep).
Vaar- en zwemproeven:
· Kunnen varen op kompaskoers.
· Basispeddelslagen kunnen uitvoeren in zeestaat 3-4: draaien, stoppen, zijwaarts vorderen, lage steun.
· Kunnen eskimoteren in zeestaat 3 (of branding).
Omgeving: Bij voorkeur op een kajakpoloveld
Boottype: poloboot
Veiligheidsproeven:
· Correct kunnen afstellen van het materiaal:
o Helm
o Zwemvest
o Boot
· De veiligheidsregels correct kunnen omschrijven:
o Aanvaren
o Peddelfout
o Duwfout
Vaarproeven:
· Veld overvaren zonder correctieslagen.
· Spurt binnen 10” een half veld over.
· Duw- en trekboogslag tonen.
· Vanuit voorwaarts varen het achterdek ondersnijden.
· De bal aan voorkeurszijde 3 maal met de peddel oprapen.
· Een veld overdribbelen met de hand.
· Werpen naar doel: afstand tot doel 4 m, 5x werpen 3x scoren met aangepaste bal.
· 10 droge passen geven met minimum 3 m tussen de bootpunten (spelers liggen met het gezicht naar elkaar).
· Bal rond de boot drijven met peddel.
Omgeving: Kajakpoloveld
Boottype: poloboot
Theoretische kennis:
· Kajakpolo reglementen (scheidsrechtersignalen herkennen).
· Wedstrijdverloop en speeltijden.
· De vier spelfasen: verdediging, counter, aanval, opvangen counter.
Veiligheidsproeven:
· Eskimoteren met peddel.
· Eskimoteren zonder peddel.
· Hoge peddelsteun.
Vaarproeven:
· Veld over varen in 10 enkele slagen zonder correctieslagen.
· Spurt binnen 8” een half veld over.
· Boegroer.
· Zijwaarts vorderen met wrikbeweging.
· Duiken onder de bal.
· Een pas kunnen aanpakken met de peddel (3 pogingen).
· Een veld over dribbelen en de bal links en rechts afwisselend met de peddel opscheppen.
· Al varend op 6 meter voor het doel een pas vangen en werpen naar het doel: 6m 5x werpen en min. 3x scoren.
· 10 droge passen geven met minimum 3 meter tussen de bootpunten. Links en recht afwisselend werpen (de spelers liggen met het gezicht naar elkaar).
· Peddelhouding van een doelman kunnen aannemen en de bal tegenhouden.
Omgeving: Kajakpoloveld
Boottype: poloboot
Theoretische kennis:
· Geslaagd voor scheidsrechtersexamen (theorie).
· Functies van de verschillende spelers in een 1-3-1 verdediging kennen.
· Kunnen uitleggen van een aantal basis begrippen zoals veilige pas, paslijnen, vaarlijnen, vrijvaren in kajakpolo = vrije paslijn creëren.
Veiligheidsproeven:
· Eskimoteren met bal.
Vaarproeven:
· Veld over varen in 8 slagen zonder correctieslagen.
· Spurt naar de bal in het midden van het veld en scherm hem af met je boot.
· Duiken onder een lege boot.
· Alle vormen van ondersnijden beheersen (zowel voorwaarts als achterwaarts).
· Al varend passen naar een stilstaande speler, de bal terugkrijgen en schieten op doel.
· Een half veld ver kunnen werpen.
· Tijdens het varen met 2 boten op 5m parallel 20 droge passen geven. (heen links werpen en terug rechts werpen).
Omgeving: WWI+/II
Boottype: Wildwaterkano naar keuze
Veiligheidsproeven:
· Realiteitsoefening precisie-werpen met een werptouw op stromend water, uitvoeren van een redding dmv een werptouw waarbij een zwemmer dient geborgen te worden.
· Kenteren en zelf de kano en peddel naar de oever brengen.
Vaarproeven:
· Een keerwater in- en uitvaren met met een correcte techniek.
· Traverseren met een correcte techniek
· Draaien van de kano op de keerwaterlijn
· Een lage peddelsteun uitvoeren in de stroming
Omgeving: WWII+/III
Boottype: Wildwaterkano naar keuze
Veiligheidsproeven:
· Zelfreddingstechniek: eskimoteren in volle stroming of zelf de kano en peddel naar de oever brengen.
· Redingsoefening vanaf de kant: aangelijnd springen aan een werptouw.
· Realiteitsoefening precisie-werpen met een werptouw op stromend water: uitvoeren van een redding dmv een werptouw waarbij een zwemmer dient geborgen te worden.
Vaarproeven:
· Een keerwater in- en uitvaren met met een correcte techniek.
· Traverseren met een correcte techniek.
· Draaien van de kano op de keerwaterlijn.
· Een hoge en lage peddelsteun uitvoeren in de stroming.
Omgeving: WWI+/II
Boottype: R4 of R6
Veiligheidsproeven:
· Passief zwemmen met peddel in de hand.
· Actief naar de kant zwemmen met de peddel in de hand.
· Realiteitsoefening precisie-werpen met een werptouw op stromend water waarbij een zwemmer veilig wordt geborgen.
· Flipdrill (omdraaien raft).
· Via de IRF signalen kunnen communiceren op het water.
Vaarproeven:
· Slalomparcours varen met gebruik van correcte peddelslagen (min. 5 poorten uitgezet door de lesgever).
o Voorwaarts
o Achterwaarts
o Boogslag
o Trekslag
· Gebruik van de juiste stuurtechnieken als stuurman/vrouw tijdens het slalomparcours.
· In cadans varen op ritme van het team.
Omgeving: WWII+/III
Boottype: R4 of R6
Veiligheidsproeven:
· Passief zwemmen met peddel in de hand.
· Actief naar de kant zwemmen met de peddel in de hand.
· Realiteitsoefening precisie-werpen met een werptouw op stromend water waarbij een zwemmer veilig wordt geborgen.
· Flipdrill (omdraaien raft).
· Via de IRF signalen kunnen communiceren op het water.
Vaarproeven:
· Slalomparcours varen met gebruik van correcte peddelslagen (min. 5 poorten uitgezet door de lesgever).
o Voorwaarts
o Achterwaarts
o Boogslag
o Trekslag
· Gebruik van de juiste stuurtechnieken als stuurman/vrouw tijdens het slalomparcours.
· In cadans varen op ritme van het team.
Omgeving: WWIII+/IV
Boottype: R4 of R6
Veiligheidsproeven:
· Passief zwemmen met peddel in de hand.
· Actief naar de kant zwemmen met de peddel in de hand.
· Realiteitsoefening precisie-werpen met een werptouw op stromend water waarbij een zwemmer veilig wordt geborgen.
· Flipdrill (omdraaien raft).
· Via de IRF signalen kunnen communiceren op het water.
Vaarproeven:
· Slalomparcours varen met gebruik van correcte peddelslagen (min. 5 poorten uitgezet door de lesgever).
o Voorwaarts
o Achterwaarts
o Boogslag
o Trekslag
· Gebruik van de juiste stuurtechnieken als stuurman/vrouw tijdens het slalomparcours.
· In cadans varen op ritme van het team.
Wil je steeds op de hoogte blijven?
Schrijf je dan nu in op onze nieuwsbrief! Of volg ons op Social Media